Algemene voorwaarden.

Onderstaande voorwaarden zijn van toepassing op alle offertes, overeenkomsten en werkzaamheden van Voncken Bouw & Montage, ingeschreven bij de Kamer van Koophandel onder nummer 42100840.

Download hier de PDF versie

Laatst bijgewerkt: September 2026

Artikel 1: Algemeen

1.1 Gebruiker van deze algemene voorwaarden is "Voncken Bouw & Montage B.V.", tevens handelend onder de naam "Voncken Bouw & Montage", hierna bedoeld met "aannemer".

1.3 Met wederpartij wordt bedoeld de partij die deze algemene voorwaarden heeft aanvaard, hierna "opdrachtgever".

1.4 Opdrachtgever en aannemer worden gezamenlijk "partijen" genoemd.

1.5 Deze algemene voorwaarden zijn van toepassing op iedere offerte en overeenkomst tussen een opdrachtgever en aannemer.

1.6 Onder opdracht wordt verstaan de overeenkomst in de zin van artikel 7:750 BW.

1.7 De toepasselijkheid van eventuele algemene voorwaarden van de opdrachtgever wordt uitdrukkelijk van de hand gewezen.

Artikel 2: Offerte

2.1 De offerte wordt schriftelijk of elektronisch uitgebracht, behoudens spoedeisende omstandigheden.

2.2 In de offerte wordt de plaats van het werk en een omschrijving van het werk aangegeven alsmede aan de hand van welke tekeningen, technische omschrijvingen, ontwerpen en berekeningen het werk zal worden uitgevoerd.

2.3 Voorts zal het tijdstip van aanvang van het werk en de oplevertermijnen worden genoemd. De oplevertermijn wordt bepaald hetzij door een bepaalde dag, hetzij door een aantal werkbare werkdagen te noemen.

2.4 Prijsvorming vindt plaats op basis van een vaste aanneemsom of op basis van regie. Bij de prijsvormingsmethode aannemingssom noemt de ondernemer een vast bedrag voor het werk dat is omschreven in de offerte. Bij de prijsvormingsmethode op basis van regie doet de aannemer een opgave van de prijsfactoren, zoals het uurtarief, opslagen en eenheidsprijzen van de benodigde materialen.

2.5 De in de offerte vermelde prijzen zijn inclusief BTW voor particulieren en exclusief BTW voor de zakelijke opdrachtgever, tenzij anders vermeld. De omzetbelasting wordt in de offerte afzonderlijk vermeld.

2.6 De aannemer geeft in de offerte aan of de betaling van de aannemingssom in termijnen zal plaatsvinden en of op het werk een risicoregeling van toepassing zal zijn, en zo ja welke. Ook geeft de aannemer in de offerte aan of met stelposten rekening is gehouden, en zo ja met welke. Of hoeveelheden verrekenbaar zullen zijn (en zo ja, welke) wordt ook vermeld.

2.7 In de offerte wordt de toepasselijkheid van deze algemene voorwaarden daarop en op de daaruit voortvloeiende aannemingsovereenkomst vermeld.

2.8 De offerte wordt gedagtekend en is na dagtekening 30 dagen geldig, tenzij anders aangegeven.

2.9 Tekeningen, technische omschrijvingen, ontwerpen en berekeningen, die door de aannemer of in zijn opdracht gebruikt zijn, blijven het eigendom van de aannemer. Zij mogen niet aan derden ter hand worden gesteld of worden getoond met het doel een vergelijkbare offerte te verkrijgen. Zij mogen ook niet worden gekopieerd of op een andere wijze worden vermenigvuldigd. Indien geen opdracht wordt gegeven dienen de stukken binnen 14 dagen nadat de aannemer daarnaar heeft gevraagd, op kosten van de opdrachtgever aan de aannemer te worden teruggestuurd en eventuele kopieën te worden vernietigd.

2.10 Wanneer de offerte niet wordt geaccepteerd, heeft de aannemer het recht om de kosten van de offerte in rekening te brengen, indien dit tussen partijen zo is afgesproken.

2.11 Gegevens door aannemer in drukwerken, folders, website(s) of andere publicaties, zijn niet bindend.

2.12 Bij bovenstaande bepalingen wordt uitgegaan van normale bedrijfsomstandigheden. Indien er sprake is van abnormale bedrijfsomstandigheden, is aannemer gerechtigd prijzen en voorwaarden te wijzigen, uiteraard in overleg met opdrachtgever.

Artikel 3: Overeenkomst

3.1 De overeenkomst komt tot stand door tijdige aanvaarding van de offerte door opdrachtgever. Bij aanvaarding van de offerte verklaart aannemer tevens ingestemd te hebben met de algemene voorwaarden.

3.2 Indien een opdracht wordt gegeven door twee of meer opdrachtgevers zijn zij hoofdelijk verbonden en heeft de aannemer tegenover ieder van hen recht op nakoming voor het geheel.

3.3 Tegenstrijdigheden in of tussen contractstukken worden, met inachtneming van de redelijkheid en billijkheid, toegeschreven aan degene die of namens wie de stukken zijn opgesteld. Partijen zijn echter verplicht om elkaar te waarschuwen als tegenstrijdigheden in beeld lijken te zijn.

Artikel 4: Verplichtingen van de opdrachtgever

4.1 Tenzij anders is overeengekomen zorgt de opdrachtgever ervoor dat de aannemer tijdig kan beschikken:

  • a) over de benodigde gegevens en goedkeuringen voor de opzet van het werk (zoals publiekrechtelijke en privaatrechtelijke toestemmingen), zo nodig in overleg met de aannemer;
  • b) over het gebouw, het terrein of het water waarin of waarop het werk moet worden uitgevoerd;
  • c) over voldoende gelegenheid voor aanvoer, opslag en/of afvoer van bouwstoffen en hulpmiddelen;
  • d) over aansluitingsmogelijkheden voor elektrische machines, verlichting, verwarming, gas, perslucht en water;
  • e) over alle overige gegevens die noodzakelijk dan wel wenselijk zijn voor de behandeling van de betreffende opdracht.

4.2 Indien inschakeling van een kwaliteitsborger is vereist, zorgt de opdrachtgever daarvoor, tenzij anders is overeengekomen.

4.3 De benodigde elektriciteit, gas en water zijn voor rekening van de opdrachtgever.

4.4 De opdrachtgever heeft geen toestemming om vóór de dag waarop het werk als opgeleverd wordt gekenmerkt, het werk zelf of door derden uit te laten voeren, tenzij de aannemer hiervoor toestemming geeft aan de opdrachtgever.

4.5 Zonder voorafgaande schriftelijke of elektronische toestemming van de aannemer heeft de opdrachtgever geen toestemming om vóór de dag waarop het werk als opgeleverd wordt gekenmerkt zijn rechten en plichten uit de overeenkomst over te dragen aan een derde.

Artikel 5: Verplichtingen van de aannemer

5.1 De aannemer is verplicht het werk goed en naar de bepalingen van de overeenkomst uit te voeren. De aannemer dient het werk zo uit te voeren, dat daardoor schade aan personen, goederen of milieu zo veel mogelijk wordt beperkt. De aannemer is verplicht de orders en aanwijzingen op te volgen die door de opdrachtgever worden gegeven, tenzij deze aanwijzingen als onredelijk en onbillijk worden beschouwd.

5.2 De uitvoering van het werk moet zodanig zijn, dat de totstandkoming van het werk binnen de overeengekomen termijn verzekerd is, tenzij bijzondere omstandigheden zich voordoen.

5.3 Als de oplevering van het werk zou moeten geschieden op een dag die geen werkdag is, geldt de eerstvolgende werkdag als de overeengekomen dag van oplevering.

5.4 Indien de aard van het werk hiertoe aanleiding geeft, stelt de aannemer zich voor aanvang van het werk op de hoogte van de ligging van kabels en leidingen, tenzij dit door bijzondere omstandigheden niet mogelijk is.

5.5 De aannemer wordt geacht bekend te zijn met de wettelijke voorschriften en beschikkingen van overheidswege die voor de uitvoering van het werk van belang zijn, voor zover deze op de dag van de offerte gelden. De gevolgen die aan de naleving van deze voorschriften en beschikkingen zijn verbonden, komen voor rekening van de aannemer.

5.6 De aannemer is verplicht de opdrachtgever te wijzen op onvolkomenheden in constructies en werkwijzen die door de opdrachtgever voorgeschreven zijn. Ook moet de aannemer de opdrachtgever wijzen op onvolkomenheden in de door de opdrachtgever gegeven orders en aanwijzingen, alsmede op gebreken in door de opdrachtgever ter beschikking gestelde of voorgeschreven bouwstoffen en hulpmiddelen, voor zover de aannemer deze kende of redelijkerwijs behoorde te kennen.

Artikel 6: Kostenverhogende omstandigheden

6.1 Kostenverhogende omstandigheden zijn omstandigheden die van dien aard zijn dat bij het tot stand komen van de overeenkomst er geen rekening mee hoefde te worden gehouden dat zij zich zouden voordoen, die de aannemer niet kunnen worden toegerekend en die de kosten van het werk verhogen.

6.2 Kostenverhogende omstandigheden geven de aannemer het recht op vergoeding van de daaruit voortvloeiende gevolgen.

6.3 Indien de aannemer van oordeel is dat kostenverhogende omstandigheden zijn ingetreden, dient hij de opdrachtgever hiervan zo spoedig mogelijk schriftelijk of elektronisch op de hoogte te stellen. Vervolgens zullen partijen op korte termijn overleg plegen over de vraag of kostenverhogende omstandigheden zijn ingetreden en zo ja, in hoeverre de kostenverhoging naar redelijkheid en billijkheid zal worden vergoed.

6.4 De opdrachtgever heeft het recht om in plaats van in te stemmen met een vergoeding het werk met betrekking tot de kostenverhogende omstandigheden te beperken, te vereenvoudigen of te beëindigen. Het bedrag dat de opdrachtgever in dit geval is verschuldigd zal naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid worden vastgesteld.

6.5 Bij blijvende onenigheid omtrent de kostenverhogende omstandigheden, bepaalt aannemer uiteindelijk of bepaalde omstandigheden wel of niet als kostenverhogend moeten worden aangemerkt.

Artikel 7: Meer- en minderwerk

7.1 Verrekening van meer- en minderwerk vindt plaats:

  • a) ingeval van wijzigingen in de overeenkomst of in de voorwaarden van uitvoering;
  • b) ingeval van afwijkingen van de bedragen van de stelposten;
  • c) ingeval van afwijkingen van verrekenbare hoeveelheden.

7.2 In geval van wijzigingen in de overeenkomst die door de opdrachtgever gewenst zijn dan wel bij wijzigingen in de voorwaarden van uitvoering kan de aannemer slechts dan een verhoging van de prijs vorderen, wanneer hij de opdrachtgever tijdig heeft gewezen op de noodzaak van een prijsverhoging, tenzij de opdrachtgever die noodzaak uit zichzelf had moeten begrijpen.

7.3 Wijzigingen in de overeenkomst dan wel de voorwaarden van uitvoering zullen – behoudens bijzondere omstandigheden – schriftelijk of elektronisch worden overeengekomen. Het gemis van een schriftelijke of elektronische opdracht doet echter niets af aan de aanspraken van de aannemer en van de opdrachtgever op verrekening van meer en minder werk. Bij gebrek aan een schriftelijke opdracht rust het bewijs van de wijziging op degene die de aanspraak maakt.

7.4 Stelposten zijn in de overeenkomst genoemde bedragen, die in de aannemingssom zijn begrepen en die bestemd zijn voor:

  • a) het aanschaffen van bouwstoffen/materialen;
  • b) het aanschaffen van bouwstoffen/materialen en het verwerken daarvan;
  • c) het verrichten van werkzaamheden, die op de dag van de overeenkomst onvoldoende nauwkeurig zijn bepaald en die door de opdrachtgever nader moeten worden ingevuld. Ten aanzien van iedere stelpost wordt in de overeenkomst vermeld waarop deze betrekking heeft.

7.5 Bij de ten laste van stelposten te brengen uitgaven wordt gerekend met de aan de aannemer berekende prijzen respectievelijk de door hem gemaakte kosten, te verhogen met een aannemersvergoeding van 10%, tenzij anders wordt overeengekomen.

7.6 Indien een stelpost uitsluitend betrekking heeft op het aanschaffen van bouwstoffen, zijn de kosten van het verwerken daarvan in de aannemingssom begrepen en worden deze niet afzonderlijk verrekend, tenzij anders wordt overeengekomen. Deze kosten zullen echter worden verrekend ten laste van de stelpost, waarop de aanschaffing van die bouwstoffen wordt verrekend. Dit gebeurt echter alleen voor zover de invulling die aan de stelpost wordt gegeven hoger is dan die waarmee de aannemer redelijkerwijs rekening heeft moeten houden.

7.7 Indien een stelpost betrekking heeft op het aanschaffen van bouwstoffen en het verwerken daarvan, zijn de kosten van verwerking niet in de aannemingssom begrepen en worden deze afzonderlijk ten laste van de stelpost verrekend.

7.8 Indien in de overeenkomst verrekenbare hoeveelheden zijn opgenomen, en deze hoeveelheden te hoog of te laag blijken om het werk tot stand te brengen, zal verrekening plaatsvinden van de uit die afwijking voortvloeiend meer of minder kosten.

7.9 Indien de opdrachtgever opdracht geeft tot het uitvoeren van meerwerk, mag de aannemer als voorschot 25% van het overeengekomen bedrag in rekening brengen, tenzij anders wordt overeengekomen. Het resterende gedeelte zal de aannemer pas kunnen factureren bij het gereedkomen van het meerwerk of bij de eerstkomende termijnfactuur daarna. Tenzij anders is overeengekomen zal minderwerk door de aannemer worden verrekend bij de eindafrekening.

7.10 Indien bij de eindafrekening van het werk blijkt dat het totaalbedrag van het minderwerk het totaalbedrag van het meerwerk overtreft, heeft de aannemer recht op een bedrag gelijk aan 10% van het verschil van die totalen, tenzij anders wordt overeengekomen.

7.11 Hogere kosten, verbonden aan wijzigingen in de oorspronkelijke opdracht, worden afzonderlijk in rekening gebracht.

7.12 Lagere kosten, verbonden aan wijzigingen in de oorspronkelijke opdracht, worden afzonderlijk gecrediteerd.

Artikel 8: Betaling

8.1 Indien betaling in termijnen is overeengekomen, zendt de aannemer telkens bij of na het verschijnen van een betalingstermijn de desbetreffende termijnfactuur aan de opdrachtgever toe. De omzetbelasting die de opdrachtgever aan de aannemer verschuldigd is, wordt afzonderlijk vermeld.

8.2 Betaling van een ingediende factuur dient plaats te vinden uiterlijk 5 dagen na de factuurdatum, waarbij bij de oplevering alle ingediende termijnfacturen en de facturen met betrekking tot het overeengekomen meerwerk dienen te zijn voldaan, op voorwaarde dat de aannemer deze facturen tijdig voor de oplevering heeft ingediend. De aannemer heeft het recht de factuur betreffende de bij oplevering verschuldigde termijn 14 dagen voor de geplande oplevering in te dienen dan wel een afwijkende termijn op te nemen voor de betalingstermijn.

8.3 Binnen een redelijke termijn na de dag waarop het werk als opgeleverd geldt, dient de aannemer de eindafrekening in.

8.4 Betaling van het aan de aannemer verschuldigde bedrag van de eindafrekening dient uiterlijk 30 dagen na de dag waarop de aannemer de eindafrekening heeft ingediend, plaats te vinden, tenzij anders vermeld en/of het een en ander onverminderd het bepaalde in artikel 14.

Artikel 9: Oplevering en onderhoudstermijn

9.1 Het werk geldt als opgeleverd wanneer de aannemer heeft meegedeeld dat het werk gereed is voor oplevering en de opdrachtgever het werk heeft aanvaard. Bij de oplevering wordt een door beide partijen te ondertekenen opleveringsrapport opgemaakt, tenzij anders wordt overeengekomen. Een door de opdrachtgever geconstateerde tekortkoming die door de aannemer niet wordt erkend, wordt in het opleveringsrapport vermeld.

9.2 Indien de aannemer heeft meegedeeld dat het werk voor oplevering gereed is en de opdrachtgever niet binnen 8 dagen daarna laat weten of hij het werk al dan niet aanvaardt, geldt het werk als opgeleverd.

9.3 Indien de opdrachtgever het werk afkeurt, dient hij dat schriftelijk of elektronisch te doen onder vermelding van de gebreken die de reden voor afkeuring zijn.

9.4 Kleine gebreken, die in de eventuele onderhoudstermijn kunnen worden hersteld, zullen geen reden tot afkeuring mogen zijn, mits zij een eventuele ingebruikneming niet in de weg staan. De aannemer is gehouden voornoemde gebreken zo spoedig mogelijk te herstellen.

9.5 Indien de opdrachtgever het werk in gebruik neemt, geldt het werk als opgeleverd.

9.6 Indien partijen vaststellen dat gelet op de aard of de omvang van de tekortkomingen in redelijkheid niet van oplevering kan worden gesproken, zal de aannemer na overleg met de opdrachtgever een nieuwe datum noemen waarop het werk gereed zal zijn voor oplevering.

9.7 Door de aannemer erkende tekortkomingen worden zo spoedig mogelijk hersteld.

9.8 Na de dag waarop het werk als opgeleverd geldt, gaat geen onderhoudstermijn in, tenzij anders wordt overeengekomen. Als geen onderhoudstermijn is overeengekomen, is het werk voor risico van de opdrachtgever na de dag waarop het werk als opgeleverd geldt.

Artikel 10: Onderhoud en aansprakelijkheid na oplevering

10.1 Indien in het bestek een onderhoudstermijn is voorgeschreven, gaat deze termijn in onmiddellijk na de dag waarop het werk als opgeleverd wordt beschouwd.

10.2 De aannemer is verplicht gebreken welke in de onderhoudstermijn aan de dag treden, zo spoedig mogelijk en voor zijn rekening te herstellen, echter met uitzondering van gebreken waarvoor opdrachtgever op grond van deze voorwaarden aansprakelijk is.

10.3 Schade die is opgetreden tijdens de onderhoudstermijn komt voor rekening van opdrachtgever, met uitzondering van schade die het gevolg is van onvoldoend werk van de aannemer.

10.4 Indien de aannemer zich desgevraagd verbindt tot herstel van niet voor zijn rekening komende gebreken of schade aan het werk, geschiedt de verrekening daarvan als meerwerk.

10.5 Na afloop van de onderhoudstermijn zal het werk wederom worden opgenomen (2e oplevering).

10.6 Na de dag dat het werk (opnieuw) is opgeleverd c.q. na het verstrijken van de onderhoudstermijn is de aannemer niet meer aansprakelijk voor tekortkomingen aan het werk, behoudens in geval sprake is van een verborgen gebrek en dat gebrek binnen redelijke termijn na ontdekking aan de aannemer is medegedeeld.

10.7 Een verborgen gebrek als bedoeld in het vorige lid is slechts dan als een verborgen gebrek aan te merken, indien het, ondanks nauwlettend toezicht tijdens de uitvoering dan wel bij de (tweede) oplevering van het werk door de opdrachtgever redelijkerwijs niet onderkend had kunnen worden. De aannemer is voor verborgen gebreken niet aansprakelijk als hij aantoont dat deze hem niet kunnen worden toegerekend.

10.8 Een rechtsvordering uit hoofde van een in het vorige lid genoemd gebrek kan slechts worden ingesteld binnen vijf jaar na de dag waarop het werk als opgeleverd kan worden beschouwd.

Artikel 11: Uitvoeringsduur en uitstel van oplevering

11.1 Indien de termijn, waarbinnen het werk zal worden opgeleverd, is uitgedrukt in werkdagen, wordt onder werkdag verstaan een kalenderdag, tenzij deze valt op een algemeen of ter plaatse van het werk erkende, of door de overheid dan wel bij of krachtens collectieve arbeidsovereenkomst voorgeschreven rust- of feestdag, vakantiedag of andere niet individuele vrije dag. Werkdagen, respectievelijk halve werkdagen, worden als onwerkbaar beschouwd, wanneer daarop door niet voor rekening van de aannemer komende omstandigheden gedurende tenminste vijf uren, respectievelijk tenminste twee uren, door het grootste deel van de arbeiders of machines niet kan worden gewerkt.

11.2 De aannemer heeft recht op verlenging van de termijn waarbinnen het werk zal worden opgeleverd indien door overmacht, door voor rekening van de opdrachtgever komende omstandigheden, dan wel als gevolg van meer- en minderwerk, niet van de aannemer kan worden gevergd dat het werk binnen de overeengekomen termijn wordt opgeleverd.

11.3 Bij overschrijding van de overeengekomen bouwtijd is de aannemer schadevergoeding aan de opdrachtgever verschuldigd. Voor de toepassing van dit lid wordt als dag van oplevering aangemerkt de dag waarop het werk volgens de aannemer gereed was voor oplevering, mits het werk vervolgens als opgeleverd geldt, dan wel de dag van ingebruikneming van het werk door de opdrachtgever.

11.4 Indien de aanvang of de voortgang van het werk wordt vertraagd door factoren, waarvoor de opdrachtgever verantwoordelijk is, dienen de daaruit voor de aannemer voortvloeiende schade en kosten door de opdrachtgever te worden vergoed.

11.5 Indien de uitvoering van het werk onmogelijk wordt doordat de zaak waarop of waaraan het werk moet worden uitgevoerd, tenietgaat of verloren raakt, zonder dat dit aan de aannemer kan worden toegerekend, is deze gerechtigd om een evenredig deel van de overeengekomen prijs op grondslag van de verrichte arbeid en gemaakte kosten. Ingeval van opzet of grove schuld van de opdrachtgever heeft de aannemer recht op een bedrag berekend overeenkomstig artikel 15 lid 5.

Artikel 12: In gebreke blijven van de opdrachtgever

12.1 Indien de opdrachtgever met de betaling van hetgeen hij ingevolge de overeenkomst aan de aannemer verschuldigd is in gebreke blijft, is hij daarover met ingang van de vervaldag de wettelijke rente verschuldigd: de wettelijke handelsrente voor zakelijke contracten c.q. de wettelijke rente geldend voor consumenten, afhankelijk wie opdrachtgever is.

12.2 Indien de opdrachtgever niet tijdig betaalt, heeft de aannemer het recht tot invordering van het verschuldigde, mits hij de opdrachtgever schriftelijk of elektronisch heeft aangemaand om alsnog binnen 14 dagen te betalen en die betaling is uitgebleven. Indien de aannemer tot invordering overgaat, zijn de daaraan verbonden buitengerechtelijke kosten voor rekening van de opdrachtgever. De aannemer heeft het recht het bedrag hiervoor in rekening te brengen conform het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten (BIK).

12.3 Indien de opdrachtgever hetgeen de aannemer volgens de overeenkomst toekomt, niet of niet tijdig betaalt, of de aannemer gegronde redenen heeft om aan te nemen dat de opdrachtgever het de aannemer toekomende niet of niet tijdig zal betalen, heeft de aannemer het recht om van de opdrachtgever genoegzame zekerheid te verlangen.

12.4 Indien de opdrachtgever enige op hem rustende verplichting niet nakomt, heeft de aannemer het recht het werk te schorsen tot het moment waarop de opdrachtgever deze verplichting is nagekomen, dan wel het werk in onvoltooide staat te beëindigen. Dit alles mits de aannemer de opdrachtgever vooraf schriftelijk of elektronisch op deze gevolgen van het niet-nakomen heeft gewezen. Het in de vorige zin bepaalde doet niets af aan het recht van de aannemer op vergoeding van schade, kosten en rente.

12.5 Indien de opdrachtgever in staat van faillissement wordt verklaard, dan wel surseance van betaling aanvraagt, dan wel indien ten laste van hem door een derde enig rechtmatig beslag wordt gelegd, tenzij dit beslag binnen een maand, al dan niet tegen zekerheidstelling, wordt opgeheven, is de aannemer gerechtigd zonder nadere aanmaning het werk te schorsen, dan wel het werk in onvoltooide staat te beëindigen.

12.6 Indien op grond van dit artikel sprake is van schorsing respectievelijk beëindiging in onvoltooide staat, is het bepaalde in artikel 15 lid 5 van toepassing.

Artikel 13: Eigendomsvoorbehoud

13.1 Zolang de opdrachtgever niet volledig heeft voldaan aan alle voor hem voortvloeiende verplichtingen uit hoofde van de met de aannemer gesloten overeenkomst, blijven alle door aannemer aan hem geleverde goederen en werken eigendom van aannemer.

13.2 Aannemer is gerechtigd, zonder enige ingebrekestelling alle door hem geleverde goederen en werken terug te nemen en zonder rechterlijke tussenkomst de overeenkomst te ontbinden, onverminderd het recht van de aannemer vergoeding van alle schade, kosten en rentes te verlangen. Beslag door derden, waaronder bodembeslag, is bij overeenkomst uitgesloten. Indien overgegaan wordt tot bodembeslag dient de curator onverwijld de geleverde goederen en werken terug te geven aan aannemer.

13.3 Het is opdrachtgever uitdrukkelijk verboden om de door aannemer geleverde goederen te verpanden of tot zekerheid over te dragen aan derden totdat de volledige som is voldaan, inclusief eventuele bijkomende rentes en andere kosten. Indien opdrachtgever weigert de goederen in geval van bodembeslag terug te leveren aan aannemer is opdrachtgever of diens bestuur als zijnde natuurlijke personen hoofdelijk aansprakelijk en verbeurt aannemer een bedrag van € 5.000,00 en € 1.000,- voor elke dag dat de weigering tot afgifte van eigendommen voortduurt nadat de opdrachtgever hiertoe is gesommeerd.

Artikel 14: Opschorting van betaling

14.1 Indien het uitgevoerde werk niet voldoet aan de overeenkomst heeft de opdrachtgever het recht de betaling geheel of gedeeltelijk op te schorten.

14.2 Het met de opschorting gemoeide bedrag dient in redelijke verhouding te staan tot de tekortkoming.

14.3 De opdrachtgever meldt schriftelijk of elektronisch de opschorting en de reden daarvan aan de aannemer.

Artikel 15: Schorsing, beëindiging van het werk in onvoltooide staat en opzegging

15.1 De opdrachtgever is bevoegd de uitvoering van het werk geheel of gedeeltelijk te schorsen. Voorzieningen die de aannemer ten gevolge van de schorsing moet treffen, en schade die de aannemer ten gevolge van de schorsing lijdt, worden aan de aannemer vergoed.

15.2 Indien gedurende de schorsing schade aan het werk ontstaat, komt deze niet voor de rekening van de aannemer, mits hij de opdrachtgever tevoren schriftelijk of elektronisch op dit aan de schorsing verbonden gevolg heeft gewezen.

15.3 Indien de schorsing langer dan 14 dagen duurt, kan de aannemer bovendien vorderen dat hem een evenredige betaling wordt gedaan voor het uitgevoerde gedeelte van het werk. Daarbij wordt rekening gehouden met bouwstoffen, die op het werk zijn aangevoerd, maar nog niet verwerkt zijn.

15.4 Indien de schorsing van het werk langer dan een maand duurt, is de aannemer bevoegd het werk in onvoltooide staat te beëindigen. In dat geval dient overeenkomstig het volgende lid te worden afgerekend.

15.5 De opdrachtgever is te allen tijde bevoegd de overeenkomst geheel of gedeeltelijk op te zeggen. De aannemer heeft in dat geval recht op de aannemingssom, vermeerderd met de kosten die hij als gevolg van de niet voltooiing heeft moeten maken en verminderd met de hem door de beëindiging bespaarde kosten. De aannemer is gerechtigd om in plaats van voorgaande aanspraak 10% van de waarde van het niet uitgevoerde deel van het werk in rekening te brengen. Er kan een ander percentage worden overeengekomen. De aannemer zendt de opdrachtgever een gespecificeerde eindafrekening van hetgeen de opdrachtgever als gevolg van de opzegging verschuldigd is.

Artikel 16: Aansprakelijkheid van de opdrachtgever

16.1 De opdrachtgever draagt de verantwoordelijkheid voor de juistheid van de door of namens hem verstrekte gegevens.

16.2 Verschillen tussen de tijdens de uitvoering blijkende toestand van bestaande gebouwen, werken en terreinen enerzijds en de toestand die de aannemer redelijkerwijs had mogen verwachten, geven de aannemer recht op vergoeding van de daaruit voortvloeiende kosten.

16.3 Indien na de totstandkoming van de overeenkomst blijkt dat het bouwterrein verontreinigd is of de uit het werk komende bouwstoffen verontreinigd zijn, is de opdrachtgever aansprakelijk voor de daaruit voor de uitvoering van het werk voortvloeiende gevolgen.

16.4 De opdrachtgever draagt de verantwoordelijkheid voor de door of namens hem voorgeschreven constructies en werkwijzen, daaronder begrepen de invloed, die daarop door de bodemgesteldheid wordt uitgeoefend, en voor de door of namens hem gegeven orders en aanwijzingen.

16.5 Indien bouwstoffen of hulpmiddelen, die de opdrachtgever ter beschikking heeft gesteld, dan wel door hem zijn voorgeschreven, ongeschikt of gebrekkig zijn, komen de gevolgen hiervan voor rekening van de opdrachtgever.

16.6 Indien de opdrachtgever een onderaannemer of leverancier heeft voorgeschreven, en deze niet, niet tijdig of niet deugdelijk presteert, komen de gevolgen hiervan voor rekening van de opdrachtgever.

16.7 De opdrachtgever is aansprakelijk voor schade aan het werk en de schade en vertraging die de aannemer lijdt als gevolg van door de opdrachtgever of in zijn opdracht door derden uitgevoerde werkzaamheden of verrichte leveringen.

16.8 De gevolgen van de naleving van wettelijke voorschriften of beschikkingen van overheidswege die na de dag van de offerte in werking treden, komen voor rekening van de opdrachtgever, tenzij redelijkerwijs moet worden aangenomen dat de aannemer die gevolgen reeds op de dag van de offerte had kunnen voorzien.

16.9 Indien is vereist dat er een dossier aan het bevoegd gezag wordt verstrekt, voordat het werk in gebruik mag worden genomen, is de opdrachtgever verantwoordelijk voor het maken, bijhouden en tijdig aanleveren van dit dossier met de juiste inhoud.

Artikel 17: Aansprakelijkheid van de aannemer

17.1 Ontwerpaansprakelijkheid

  • a. In geval van tekortkomingen in het ontwerp, is de aannemer hiervoor slechts aansprakelijk voor zover deze tekortkomingen hem kunnen worden toegerekend. De opdrachtgever draagt daarvoor de bewijsplicht.
  • b. De aansprakelijkheid van de aannemer op grond van het vorige lid is beperkt tot het voor het verrichten van de ontwerpwerkzaamheden overeengekomen bedrag. Indien geen bedrag is overeengekomen, is de aansprakelijkheid van de aannemer beperkt tot 5% van de aannemingssom. Er kan een ander percentage worden overeengekomen.
  • c. De rechtsvordering uit hoofde van een toerekenbare tekortkoming is niet ontvankelijk, indien zij wordt ingesteld na verloop van drie jaren na het verstrijken van de onderhoudstermijn.

17.2 Aansprakelijkheid gedurende de uitvoering van het werk

  • a. Het werk en de uitvoering daarvan zijn voor verantwoordelijkheid van de aannemer met ingang van het tijdstip van aanvang tot en met de dag waarop het werk is opgeleverd of als opgeleverd geldt.
  • b. Onverminderd de aansprakelijkheid van partijen krachtens de overeenkomst of de wet is de aannemer nimmer aansprakelijk voor schade aan het werk, tenzij er sprake is van schuld dan wel grove opzet. Schade als gevolg van buitengewone omstandigheden kan de aannemer niet worden toegerekend. Met de voorgaande zin wordt dan vooral overmacht bedoeld.
  • c. De aannemer is aansprakelijk voor schade aan andere werken en eigendommen van de opdrachtgever voor zover deze door de uitvoering van het werk is toegebracht en te wijten is aan nalatigheid, onvoorzichtigheid of verkeerde handelingen van de aannemer, zijn personeel, zijn onderaannemers of zijn leveranciers.
  • d. De aannemer vrijwaart de opdrachtgever tegen aanspraken van derden tot vergoeding van schade, voor zover deze door de uitvoering van het werk is toegebracht en te wijten is aan nalatigheid, onvoorzichtigheid of verkeerde handelingen van de aannemer, zijn personeel, zijn onderaannemers of zijn leveranciers.

17.3 Aansprakelijkheid na oplevering

Na de dag waarop het werk als opgeleverd geldt, is de aannemer niet meer aansprakelijk voor tekortkomingen aan het werk, behoudens het bepaalde in artikel 10.

17.4 Overige bepalingen

  • a. De opdrachtgever is in de gevallen als voorzien in de artikelen 17.1 tot en met 17.3 verplicht de aannemer van het gebrek binnen redelijke termijn na ontdekking mededeling te doen en de aannemer de gelegenheid te geven binnen een redelijke termijn voor diens rekening toerekenbare tekortkomingen en/of gebreken, waarvoor de aannemer aansprakelijk is, te herstellen/op te heffen.
  • b. Indien de kosten van herstel voor een gebrek of van het opheffen van een tekortkoming waarvoor de aannemer aansprakelijk is niet in redelijke verhouding staan tot het belang van de opdrachtgever bij herstel, mag de aannemer in plaats van herstel volstaan met het uitkeren van een redelijke schadevergoeding aan de opdrachtgever.

17.5 De aansprakelijkheid van de aannemer op grond van de artikelen 17.2 en 17.3 is in geval van toerekenbare indirecte schade beperkt tot een bedrag gelijk aan 10% van de aanneemsom. Als een door de aannemer afgesloten bedrijfsaansprakelijkheidsverzekering dekking biedt voor een hoger bedrag, is deze aansprakelijkheid gemaximeerd tot het onder voornoemde verzekering uit te keren bedrag. Onder indirecte schade wordt onder andere verstaan: bedrijfsschade, productieverlies, omzet- en/of winstderving, waardevermindering van producten en kosten die met de uitvoering van het werk gemoeid zouden zijn als de werkzaamheden van aanvang af goed zouden zijn uitgevoerd.

17.6 De uit de artikelen 17.1 tot en met 17.5 voortvloeiende beperkingen van de aansprakelijkheid vinden geen toepassing indien de schade het gevolg is van opzet of grove schuld van de aannemer.

Artikel 18: Buiten toepassing verklaring

18.1 Indien enige bepaling van deze algemene voorwaarden nietig is, wordt vernietigd of anderszins buiten toepassing wordt verklaard, blijven de overige bepalingen van deze algemene voorwaarden volledig van kracht en zullen opdrachtgever en aannemer in plaats van de nietige, vernietigde of buiten toepassing verklaarde bepaling een bepaling ter vervanging overeenkomen, waarbij zoveel mogelijk het doel en de strekking van de nietige, vernietigde of buiten toepassing verklaarde bepaling in acht zullen worden genomen.

Artikel 19: Geschillen

19.1 Op de rechtsverhouding, uit welken hoofde ook, tussen opdrachtgever en aannemer is uitsluitend het Nederlandse recht van toepassing, ook indien de opdrachtgever zich buiten Nederland mocht bevinden.

19.2 Voor de beslechting van de in dit artikel bedoelde geschillen kunnen partijen een beroep doen op de Nederlandse rechter in de vestigingsplaats van de aannemer, tenzij de wet dwingend anders voorschrijft.

Voor vragen over deze algemene voorwaarden kunt u contact opnemen via info@bvoncken.nl of bel 06 4196 2262.